IL MACELLAIO

Italie

Italië is een van de belangrijkste wijnproducerende en -exporterende landen van de wereld. Met een productie van ongeveer 53 miljoen hectoliter wijn per jaar is Italië één van de allergrootste wijnproducerende landen ter wereld. Ongeveer 18% van alle wijn die wereldwijd geproduceerd wordt is afkomstig uit Italië en 30% van alle Europese wijnen komt uit dit land. Desondanks is slechts 8% van de wijnen, die door Nederlanders gedronken worden, Italiaans.

Doordat het land verschillende klimaten kent, koeler en continentaler in het noorden, en warmer in het zuiden, zijn er grote verschillen tussen de wijnbouw van diverse regio’s. Speciale Italiaanse wijnsoorten zoals lambrusco en vermout zijn zo bekend, dat zeer veel mensen die weinig verstand van wijn hebben ze wel kennen.

De recioto della Valpolicella (uit Veneto, Noord-Italië) en de vin santo uit Toscane zijn speciale wijnen. Na het oogsten worden de druiven een tijd uitgespreid op een laag stro. Door het drogen neemt de concentratie suiker en smaakstoffen in het nog aanwezige sap toe. Deze wijn zal zoet maar ook rijk van smaak zijn. In ieder deel van het land wordt wijn geproduceerd. Daardoor kan de indeling in wijnregio’s van Italië samenvallen met de normale indeling in regio’s van het land. Hierom worden er diverse wijnregio’s onderscheiden, die op hun beurt ook weer in kleinere regio’s zijn opgedeeld

 

Oostenrijk

De wijnbouw is een wezenlijk onderdeel van het landschap, de Oostenrijkse cultuur en kent een lange traditie. Deze gaat zelfs terug naar de tijd van de Kelten en Romeinen. Er is vrijwel geen massaproductie maar er zijn wel veel kleinschalige familiebedrijven, die uit eigen wijngaard wijn maken. Deze bedrijven hebben oog voor elk detail en hebben hun eigen filosofie, achter elke fles wijn schuilt dan ook een verhaal. De oogst gebeurt vrijwel uitsluitend handmatig en tweederde van de producenten werkt biologisch.

Het allerbelangrijkste is dat de wijnboeren ernaar streven om (natuurgetrouw) het karakter van de druif zo puur mogelijk in de wijn tot uitdrukking te brengen. (dit in tegenstelling tot andere wijnlanden) Alle wijngebieden liggen in het oosten van het land, en in het grenst aan Tjechië, Hongarije en Slovenië. Toch zijn er grote verschillen in Oostenrijkse wijnen. Dit komt met name door de grote klimatologische verschillen per regio en omdat er veel verschillende bodemsoorten zijn. Van löss bij de Donau, in het noorden, tot kalk- en vulkanische basaltbodems in het zuiden.

Daarbij heeft Oostenrijk unieke inheemse druivensoorten die nergens anders ter de wereld te vinden zijn, waarvan Grüner Veltliner en Blauer Zweigelt de bekendste zijn. De combinatie van de juiste druif bij de juiste wijngaard, de passie van de wijnboer, de bodemsoorten en ideale microklimaten geven daarom unieke, frisse aromatische wijnen met veel karakter en finesse! Nergens anders zijn de wijnen zo authentiek en verfrissend als in Oostenrijk

 

Argentinie

Argentijnse wijn is afkomstig van ruim 150.000 hectare aan wijngaarden. Hierdoor is Argentinië verreweg de grootste wijnproducent van Zuid-Amerika. Argentijnse wijn is sterk in opkomt met Salentein als trendsetter. De ligging van de wijngaarden aan de voet van het Andesgebergte is zeer geschikt om Argentijnse wijn van topkwaliteit te produceren. Vooral het klimaat en de bodem zijn van invloed op de smaak van de druif. Ook de verschillende hoogtes in het Andesgebergte zorgen voor verschil in de geproduceerde druiven. Het meest bekende Argentijnse wijn gebied is Mendoza, waar ook drie wijngaarden van Salentein liggen.

De Wijnbouwgebieden in Argentinië bevinden zich vooral in het westen van het land, op de oostelijke hellingen van de Andes, tussen 22° en 42° zuiderbreedte, over een lengte van 2400 kilometer. Het belangrijkste wijngebied bevindt zich in de provincie Mendoza. Deze regio kent driekwart van de Argentijnse wijngaarden, die op hoogtes tussen 900 en 1500 meter gelegen zijn. Het klimaat is er warm en droog, en men is zeer afhankelijk van irrigatie met smeltwater uit de Andes. Hiervoor gebruikt men een eeuwenoud stelsel van kanaaltjes: de acéquias. Het land kent een grote variatie van klimaattypes en soorten grond. Wijnbouw was al eeuwen voor de komst van de Spanjaarden gekend. Vele immigranten uit bijvoorbeeld Baskenland en Italië brachten hun eigen druivensoorten mee, waardoor men in Argentinië momenteel vele druivensoorten kan vinden: veelal Europese druivenrassen uit Spanje, Italië en Frankrijk. Men vindt er onder andere Malbec, Sangiovese en Tempranillo. Door het ontbreken van extreem hoge temperaturen op deze berghellingen hebben de druiven een zeer sterk aroma.

De Malbec druif levert in dit klimaat de beste wijn (droog en warm overdag, ‘s nachts koud). Malbec is ook de meest geteelde soort. Aangezien Malbec een dikke schil heeft geeft de druif veel smaak en zijn de wijnen robuust. Argentijnse wijnen passen daarom ook goed bij de nationale eetgewoonten: veel vlees en pasta’s. Overigens is het in Argentinië de gewoonte om wijn met water te verdunnen aan tafel. Aangezien de druiven in Argentinië in een relatief droog klimaat groeien zijn er weinig bestrijdingsmiddelen en anti-schimmel producten nodig. Dit heeft ook effect op de kwaliteit van de wijn, echter geen negatieve.

Een aantal wijngaarden werken nog met pergola’s waarbij de druiven op ooghoogte hangen. Door het klimaat en de hoge opbrengst per hectare zijn de wijnen kwalitatief niet hoogstaand, uitzonderingen daargelaten. De belangrijkste druif is de Criolla, maar deze is vooral bestemd voor lokale consumptie. Drie andere belangrijke druivensoorten zijn de Torrontés, de Bonarda en de Malbec. Argentijnse malbec is toegankelijker dan Franse en heeft een vleug van pruimen en bramen. De laatste tijd teelt men ook steeds meer Chardonnay, Cabernet Sauvignon en Viognier.

Chili

De wijnbouw in Chili is gestart door Spaanse kolonisten. Toch ziet men een Franse invloed. De wijn wordt vooral van typische Franse druivenrassen gemaakt. De druivenstokken zijn hier nog authentiek en staan niet, zoals in bijna alle andere wijngebieden, op Amerikaanse onderstammen. De meeste Chileense wijngaarden lopen als een slinger door het midden van een land. Ze liggen tussen de Andes en de kustgebergten. Het klimaat is er koeler en meer vruchtbaar dan in Argentinië. De Humboldtstroom vanuit de Stille Oceaan heeft een verkoelend effect.

De belangrijkste wijnbouw gebieden in Chili zijn (van noord naar zuid) Aconcaguavallei, Casablanca, Maipo Valley, Rapel Valley, Curico, Maule, Itata en Bío-Bío. Een belangrijk gebied is de Colchagua vallei (Libertador O’Higgins). De bekendste wijngaarden uit deze streek zijn: Casa LaPostolle, Viu Manent, Montgrass, Bisquertt, Casa Silva, Laura Hartwig. De Chilenen hebben trouwens op zeer geslaagde wijze een combinatie weten te maken tussen toerisme en wijnbouw. De meeste wijngaarden zijn open voor het publiek en er worden tweetalige rondleidingen gegeven. Een aantal wijnstreken heeft zijn eigen officiële wijnroute, waarbij de belangrijkste wijngaarden zijn aangesloten. In de Colchagua-vallei, 2 uur rijden van Santiago, is het mogelijk om in een oude stoomtrein uit 1913 dit gebied te bezoeken en bewonderen.

De belangrijkste druivenrassen, samen meer dan zestig procent van de oogst, zijn Cabernet Sauvignon, Merlot, Chardonnay, Sémillon en Sauvignon Blanc. Daarnaast heeft Chili ook een eigen specialiteit: de Carménère, vergelijkbaar met een stevige Merlot. Chileense wijnen worden gekenmerkt door een volle en sappige smaak.

 

Frankrijk

Frankrijk is zowel qua volume als qua omzet een van de grootste producenten van wijn in de wereld. Concurrentie in volume en omzet heeft Frankrijk voornamelijk van Italië. Spanje, een ander land dat tot de oude wereld behoort op wijngebied, is een concurrent wanneer het gaat om beplante hectares met wijnstokken.

De wijnbouwcultuur is waarschijnlijk ontstaan in het gebied ten zuiden van de Kaukasus en in het Oost-Anatolië. De eerste wijnbouw in Frankrijk is te danken aan Griekse kolonisten uit Klein-Azië die in de 6e eeuw v. Chr. de handelsnederzetting Massilia (Marseille) stichtten en er ook enkele wijngaarden aanlegden. De wijnbouwcultuur van Noord-Frankrijk en andere delen van Midden- en Noordwest-Europa werd door de Romeinen ontwikkeld. Tegenwoordig is Europa veruit de belangrijkste wijnproducent. Italië en Frankrijk zijn de belangrijkste productielanden.

Frankrijk kent al lang een systeem waarbij een wettelijk beschermde naam wordt toegestaan als wordt voldaan aan verschillende voorwaarden als wijngebied, wijnstokken die gebruikt worden en eventueel in welke verhouding, maximale opbrengst per hectare en alcoholpercentage. De beste kwaliteit is Appellation d’Origine Contrôlée (AOC) en Vins Délimités de Qualité Supérieure (VDQS, thans niet meer in gebruik) zijn beter dan Vins de Pays. Sinds 1963 heeft Italië een soortgelijk systeem, sinds 1970 ook Spanje.

Hoewel de uitzondering de regel bevestigt, kan over het algemeen gezegd worden: hoe kleiner de appellation hoe beter de wijn. Bijvoorbeeld wijn met de AOC Bordeaux kan uit de volledige wijnstreek Bordeaux komen. De Bordeaux wordt onderverdeeld in grote regio’s zoals de Médoc. Binnen Haut-Médoc hebben de beste wijnen een zogenaamde gemeente-appellation zoals Pauillac, Margaux en Saint-Estèphe. Vervolgens is er nog een eregalerij van geklasseerde wijnen, de zogenaamde grands crus. In de Bordeaux is deofficiële classificatie in 1855 vastgesteld en werden de beste wijnen, dit gebaseerd op de verkoopprijzen van de voorafgaande jaren, van dat moment in vijf categorieën geplaatst. De wijnen van de hoogste categorie zijn Premier Grand Cru. Voorbeelden hiervan:Château Latour, Château Lafite Rothschild, Château Haut-Brion, Château Margaux en Château Mouton Rothschild.

In de Bourgogne is de waardering juist omgekeerd: daar zijn de wijngaarden geklasseerd, en dus niet de wijnmakers of châteaux. De hoogste classificatie is daar grand cru, terwijl de premier cru een classificatie minder betreft. Bij de officiële classificatie in de Bourgogne in 1861 door het Agricultureel Comité van Beaune is de indeling in het invloedrijke werk Histoire et Statistique de la Vigne des Grands Vins de la Côte-d’Or van Dr Jean Lavallé uit 1855 vrijwel ongewijzigd overgenomen. De indeling in 1861 kende drie klassen waarvan de wijngaarden uit de eerste klasse vrijwel allemaal grand cru werden bij de introductie van de Appellation d’Origine Contrôlée in de jaren dertig. Tegenwoordig wordt voor wijn in Frankrijk bijna uitsluitend nog het sap van verse druiven gebruikt. Uitzondering is de vin de paille uit de Jura; na het oogsten worden de druiven een tijd uitgespreid op een laag stro (paille). Door het drogen neemt de concentratie suiker in het sap toe.

Spanje

Wijnbouw in Spanje is al van oudsher bekend. Belangrijke Spaanse wijnen zijn onder andere sherry en rioja. In het land wordt veel rode- en witte wijn verbouwd. Cava is de naam van Spaanse mousserende wijn.

Spanje kent een controlesysteem voor herkomstgarantie dat een zekere kwaliteit waarborgt. De zogenoemde DO-markering – voluit: Denominación de Origen. Het DO-systeem wordt niet alleen voor wijn gebruikt, maar ook voor andere producten, zoals olijfolie. Voor wijn zijn er tientallen DO’s. Sommige producten krijgen de markering DOC, wat staat voor Denominación de Origen Calificada. Deze benadrukt een stringentere herkomstbenaming waarbij men een hogere kwaliteit mag verwachten. Verdere kwalificaties die voor Spaanse wijnen gebruikt worden zijn vino de la tierra, vino comarcal en vino de mesa. De laatste aanduiding is laagste kwaliteitstrap in de reeks.

In 1932 zijn de eerste acht wijnen DOC-geklasseerd. Gebieden die geschikt zijn voor wijnbouw worden daar ook grotendeels voor gebruikt. In hooggebergten – zoals de Sierra Nevada – wordt geen wijn wordt verbouwd. Er kunnen vier wijnregio’s worden onderscheiden, die op hun beurt worden onderverdeeld in meerdere kleinere regio’s. De indeling hieronder is niet volledig.

 

Australie

Wijnbouw in Australië vindt hoofdzakelijk plaats in de deelstaten, Nieuw-Zuid-Wales, Victoria, het aansluitende zuidelijke deel van Zuid-Australië en helemaal in het westen de zuidwesthoek van West-Australië. Australië is een warm tot heet continent. Wijnbouw is alleen mogelijk langs de zuidkust. Daar is het klimaat milder vanwege de zuidelijker breedtegraad, vergelijkbaar met de Middellandse Zee. Koelende invloed van de oceaan door stromingen van de Zuidelijke IJszee dragen hier ook aan bij. Desalniettemin zoeken de wijnproducenten nog steeds naar hogere – dus koelere – gebieden iets meer landinwaarts waar wijnbouw mogelijk zou kunnen zijn. In Australië worden veel wijngaarden geïrrigeerd. De jaarproductie wijn was in 2007 ongeveer 10 miljoen hectoliter. Hiervan werd zo’n 4 miljoen hectoliter geëxporteerd. Er is nog geen officieel classificatiesysteem. Behalve wijndruiven worden er vooral ook veel tafeldruiven verbouwd.

Eind 18e eeuw kwamen met de eerste kolonisten de eerste druivenstokken naar Australië. Met betere aanplant van druivenrassen en moderne vinificatie-methoden werd de wijnbouw begin jaren 60 van de vorige eeuw tot ontwikkeling gebracht. Pioniers van de wijnbouw waren vooral Zwitsers met name het gebied rondom Melbourne en Duitsers in de gebieden nabij Adelaide. De Phylloxera druifluis heeft eind 19e eeuw voornamelijk in de deelstaat Victoria veel schade aangericht.

In Australië maakt men vele soorten wijn. Aanvankelijk eenvoudige tafel- en zoete dessertwijnen. De laatste decennia steeds meer kwaliteitswijnen. Er worden wijnen verkocht onder de namen Chablis, Port, Sherry en Champagne. Slechts duidend op een zeker (richting van) karakter van de wijn. Wijnen die overigens niet met deze naam op de Europese markt mogen komen vanwege beschermde herkomstbenamingen zoals bijvoorbeeld in Frankrijk.

Winkelwagen